zondag 14 september 2014

From God's possible to God's necessary existence

It seems reasonable to define God as a conscious being that is the first cause of reality. Being the first cause, God is uncaused. Suppose that God possibly exists. In that case there is a possible world w in which God exists. According to Leibniz's weak principle of sufficient reason (wPSR) there must be a sufficient reason for every thing that exists.* So, following this principle, there must be a reason in w for Gods existence. God exists in w either by virtue of its own nature, or due to an external cause. Since God is uncaused in w it follows that God exists by virtue of its own nature in w. That is to say, God exists necessarily in w. But then, assuming S5 modal logic, it follows that God exists in all possible worlds. So God exists necessarily. Therefore, given wPSR and S5, Gods possible existence entails Gods necessary existence.

(*) Note that this is indeed a weak version of Leibniz' principle, since it is not claimed that there is a sufficient reason for each fact or state of affairs. It is "merely" claimed that every existing thing (i.e., object or entity) has a reason for its existence.

25 opmerkingen:

Arno zei

Hi Emanuel,

Should not all properties that you apply to God exist by virtue of its own nature in w for this to apply? Suppose I'll add to your properties of God that God has blue eyes. Then it seems, by your reasoning, that this God, as defined as having blue eyes must exists in all worlds, since a possible world in which this type of God exists can be imagined and this God is uncaused. But likewise it could be reasoned that a God with brown eyes must exists in all possible worlds.

As far as I can see only the property that God is the first cause makes its existence necessarily in w. So therefore each possible world necessarily has a first cause. It does not automatically follow that God is a being, nor that God is conscious, as far as I can see.

Emanuel Rutten zei

Hi Arno,

If 'having blue eyes' is an accidental instead of essential property of God, then it cannot be extended to all possible worlds. And it surely seems to me that 'having blue eyes' is in fact an accidental and not essential property.


Regards,
Emanuel

Anoniem zei

Beste Emanuel,


Is het modaal-epistemisch argument nu ook voor jou van de baan?

Het lijkt me dat als gods mogelijk bestaan zijn noodzakelijk bestaan impliceert, dat je dan de tegenwerping "god bestaat is onkenbaar" niet mag weerleggen met een beroep op gods mogelijk bestaan. Dit op straffe
van circulariteit.
En als "god bestaat" onkenbaar blijft is de eerste premisse niet meer te verdedigen.
Als je het argument wil handhaven dan denk ik dat je toch echt de titel moet aanpassen,

vr. groet,
Jessica


Emanuel Rutten zei

Beste Jessica,

Nee, dat is niet het geval. Het gaat namelijk om verschillende argumenten. Zo is mijn modaal-epistemisch argument niet gebaseerd op PSR of wPSR. De argumenten vormen wel (samen met nog vele anderen) een cumulatieve casus voor theïsme. In die zin versterken ze elkaar.

Groet,
Emanuel

Anoniem zei

Beste Emanuel,

Je zegt dat jouw modaal-epistemisch argument niet gebaseerd is op PSR ofwPSR.
Jouw definitie van god laat open of hij noodzakelijk bestaat of niet noodzakelijk.
Uit de conclusie moeten wij dan opmaken dat een god, waarvan in het midden gelaten wordt of hij noodzakelijk bestaat of niet, in alle mogelijke werelden bestaat.
Is zo iets mogelijk? Als wij veronderstellen dat god noodzakelijk bestaat dan wel.
Maar als wij veronderstellen dat god niet noodzakelijk maar contingent bestaat dan is er in ieder geval minstens één mogelijke wereld waarin hij niet bestaat.
Om dus de conclusie als een zinnige conclusie te kunnen beschouwen moeten wij eerst veronderstellen dat god noodzakelijk bestaat. Maar dan wordt het argument circulair en is het niet acceptabel dat het andere argumenten kan versterken.


vr. groet,
Jessica

Anoniem zei

Beste Emanuel,

Je zegt dat jouw modaal-epistemisch argument niet gebaseerd is op PSR ofwPSR.
Jouw definitie van god laat open of hij noodzakelijk bestaat of niet noodzakelijk.
Uit de conclusie moeten wij dan opmaken dat een god, waarvan in het midden gelaten wordt of hij noodzakelijk bestaat of niet, in
alle mogelijke werelden bestaat.
Is zo iets mogelijk? Als wij veronderstellen dat god noodzakelijk bestaat dan wel.
Maar als wij veronderstellen dat god niet noodzakelijk maar contingent bestaat dan is er in ieder geval minstens één mogelijke wereld waarin hij niet bestaat.
Om dus de conclusie als een zinnige conclusie te kunnen beschouwen moeten wij eerst veronderstellen dat god noodzakelijk bestaat. Maar dan wordt het argument circulair en is het niet acceptabel dat het andere argumenten kan versterken.


vr. groet,
Jessica

Emanuel Rutten zei

Beste Jessica,

Hier vlieg je echt (opnieuw) uit de bocht. De conclusie van mijn modaal-epistemisch argument is dat God noodzakelijk bestaat. Het enige waar ik dan voor moet oppassen is dat ik niet op voorhand die conclusie reeds veronderstel, want dat zou mijn argument circulair maken. Welnu, voor mijn modaal-epistemisch argument veronderstel ik helemaal niet op voorhand dat God noodzakelijk bestaat. En dus is er voor mijn argument niets aan de hand. De reactieruimte onder dit blogitem is overigens bedoeld voor opmerkingen en vragen over het blogitem en niet voor andere items. Ik zal hieronder daarom vanaf nu alleen reacties doorzetten die over het blogitem zelf gaan.

Groet,
Emanuel

Anoniem zei

Beste Emanuel,
Ik heb nog wel een opmarking maar die zal ik elders plaatsen.
vr. groet,
Jessica

Arno zei

Hi Emanuel,

We can both agree that God having blue eyes cannot be extended to all possible worlds if that property of having blue eyes is not essential.

But in your argument you haven't, as far as I can see, made any explanation as to why the properties :
- God is a being
- God is conscious
... should be essential for a first uncaused cause of reality. If these properties are not essential for a first uncaused cause of reality these properties of God are not necessary for all possible worlds. So please indicate why a first uncaused cause of reality must essentially be a being and must essentially be conscious.

Emanuel Rutten zei

Hi Arno,

First, I take it to be an a priori truth that everything that exists is a being. For that is what the term 'being' simply means: something that exists. Second, I take it that being a conscious being is an essential property of everything that has it. For, something could not loose that property while still remaining the same. Thus, if there is a possible world in which God - a conscious being - exists necessarily, then, since that very being exists in every possible world, it follows that it must be conscious in all those worlds (for else, given that being conscious is esssential, there would be possible worlds in which it would not be that very being). By the way, good thinking! I do not often get such good responses on my blog. Thanks for that.

Regards,
Emanuel

Anoniem zei

Beste Emanuel,

Een tegenargument gaat als volgt.
Als wij onder god moeten verstaan een bewust immateriëel wezen dan kunnen wij ons afvragen of zo'n wezen wel mogelijk is. Er zijn wetenschappers die zich serieus afvragen of een immateriëel bewustzijn wel mogelijk is. Volgens velen is het in strijd met de huidige stand van zaken in de neurowetenschappen. (o.m.prof.Dick Swaab)
De veronderstelling dat god, zoals gedefiniëerd, mogelijk niet bestaat is dus niet geheel zonder grond. Laten wij eens veronderstellen dat god mogelijk niet bestaat. In dat geval is er een mogelijke wereld w waarin god niet bestaat.
Overeenkomstig wPSR heeft alles wat bestaat een voldoende reden om te kunnen bestaan.
In een mogelijke wereld w waarin god niet bestaat is er blijkbaar geen voldoende reden voor het bestaan van god.
Maar dan is het bestaan van god in w onmogelijk.
Dan volgt op grond van S5 modal logic dat het bestaan van god in geen enkele wereld mogelijk is.
Daarom mogen wij op grond van wPSR en S5 modal logic concluderen dat uit het mogelijk niet-bestaan van god volgt dat god in geen enkele mogelijke wereld bestaat.
Houden jouw en mijn positie elkaar niet in evenwicht?
Zo ja, dan valt er omtrent het al dan niet bestaan van god vooralsnog niets te concluderen.

vr. groet,
Jessica

Emanuel Rutten zei

Beste Jessica,

De fysica kan helemaal niet uitsluiten dat een immaterieel bewust wezen metafysisch mogelijk is. Sorry, maar dat is echt elementair. Geen enkele zichzelf serieus nemende fysicus zal willen beweren dat de fysica aantoont dat een immaterieel bewustzijn metafysisch, of zelfs maar fysisch, onmogelijk is. Echt niet. Verder schrijf je: "In een mogelijke wereld w waarin god niet bestaat is er blijkbaar geen voldoende reden voor het bestaan van god. Maar dan is het bestaan van god in w onmogelijk". Deze redenering klopt logisch niet. Ik zou echt die cursus logica gaan doen waarop ik je in mijn vorige reactie (opnieuw) wees.

Groet,
Emanuel

Arno zei

Hi Emanuel,

I would like to think that the term being generally refers to a living thing. But I am willing to go with your definition of the word being. Note however, that in that case also gravity, events, mathematic formulas and art are beings.

You argue that if a being has the property being a conscious being it cannot later loose that property and still remain the same, and therefore the property being a conscious being is essential to that being if it has it.

Likewise I could argue that if a being has the property being a brown eyed being it cannot later loose that property and still remain the same, and therefore the property being a brown eyed being is essential to that being if it has it.

Like a Brown Eyed Handsome Man ( nice song, you should look it up ). It has the property being a brown eyed being. It cannot loose that property and still be a Brown Eyed Handsome Man. So having brown eyes is essential to a Brown Eyed Handsome Man. And likewise having brown eyes is essential to a Brown Eyed Handsome God.

Then I could argue, using your logic, that there is a possible world with a Brown Eyed Handsome God. And in this world the Brown Eyed Handsome God exists necessarily since it is uncaused. And in this world it is essential that it has the property being a brown eyed being otherwise it would not be a Brown Eyed Handsome God. And using your logic it would then follow that a Brown Eyed Handsome God exists necessarily in all possible worlds.

You rightly so questioned why this God of mine must be Brown Eyed in the first place.

Likewise I questioned you why your God must be concious.

Your answer sounds like : A Conscious God has the property being a conscious being. It cannot loose that property and still be a Conscious God. Therefore being conscious is essential to a Conscious God.

Your argument still does not explain why your God must be Conscious in the first place. Just like I do not explain why my God must have brown eyes in the first place.

Emanuel Rutten zei

Hi Arno,

Really? Would you hold that if, say, John's eyes change from brown to blue, he ceases to exist? I'm sure you do not believe that! Clearly, if John changes the color of his eyes, he will still be John. In other words, being a brown eyed being is an accidental and not essential property. But if John would loose all his conscious capabilities, then John plausibly ceases to exist. That is to say, being a conscious being is an essential and not an accidental property.

In the remaining part of your response you do not distinguish between 'de re' and 'de dicto' modalities. That's why your criticism fails. I might find some time tomorrow to explain why.

Regards,
Emanuel

Arno zei

Hi Emanuel,

In my view that still depends on what you define as being the essence of John. If you would define the essence of John to be that he has brown eyes it would indeed no longer be John if he would change the color of his eyes.

Like some people hold the view that the essence of Zwarte Piet is that he is black. There are people who argue that Zwarte Piet ceases to exist if he is no longer black. There are people who argue that Zwarte Piet does not cease to exist if he is no longer black. You must have noticed the strong debate regarding this. Who is to decide if the property Zwarte Piet is black is essential to Zwarte Piet or not?

Likewise with consciousness. If we would be able to give a computer mental abilities and the ability to be conscious it would still be a computer. And if we then later remove these mental abilities from such a computer, would you hold the view that it would no longer be a computer?

And would you say that if John, as a result of a car accident, temporarily looses his conscious, he temporarily is no longer John?

But we might feel different about what being conscious is.

You seem to indicate that if God would (even temporarily) cease to be a conscious being it would cease to be God, plausibly cease to exist. But this being would still be the first cause of reality so why could this being not still be considered God and still exist by means of being the first cause of reality? Is not the essence of god that it/he/she is the first cause of reality?

From a different angle : what would you say of the possibility of an incapable-of-having-any-consciousness something to be the first cause of reality in a possible world? Would you think something like that possible and if not why not?

Anoniem zei

Beste Emanuel,

Je zegt: "De fysica kan helemaal niet uitsluiten dat een immateriëel bewust wezen metafysisch onmogelijk is. Sorry, maar dat is echt elemantair".

Maar, beste Emanuel, natuurlijk is dat elementair, maar dat heb ik ook helemaal niet beweerd.
Ik heb alleen gezegd dat er gezien de huidige stand van de neurowetenschap vraagtekens rijzen m.b.t. een immateriëel bewustzijn.
Maar afgezien daarvan : als jij stelt dat god mogelijk bestaat dan mag een agnosticus met evenveel recht opperen dat god mogelijk niet bestaat.

Ook de stelling van een agnosticus is het waard om op zijn merites bekeken te worden.
Anders zou discussie geen zin hebben. En erger nog: het heeft ooit godsdienstoorlogen (en nog) bewerkstelligd.

Nu mijn stelling dat het bestaan van god onmogelijk is in w.
Er is een mogelijke wereld w, waarin god niet bestaat (contra jouw stelling). Maar dan kan het niet zo zijn dat hij noodzakelijk bestaat in w.
Dat zou immers absurd zijn.
Het zou betekenen dat er in w wel en niet voldoende grond is voor het bestaan van god.
Om moeilijke logische kwesties verder te ontlopen gooi ik het nu even over een andere boeg en stel dat het contingent bestaan van god metafysisch gezien geen optie kan zijn, omdat dit zou inhouden dat god tegelijkertijd wel en niet krachtens zijn eigen natuur kan bestaan (in minstens één mogelijke wereld wel en in minstens één mogelijke wereld niet).
Daarom kan het niet bestaan van god in w alleen maar betekenen dat god onmogelijk bestaat in w.
En, zoals reeds betoogd, dus in geen enkele mogelijke wereld.
Concluderend: op grond van het onderhavige artikel kan ik omtrent het wel of niet
bestaan van god geen zinnige conclusie trekken. En dát is nou juist zo intrigerend.

vr. groet,
Jessica


Anoniem zei

Beste Emanuel,

Hieronder volgt een nieuwe, m.i. interessante tegenwerping.

Toepasing van S5 modal logic leidt tot absurditeietn.

Immers voor ieder bestaand wezen x geldt: x kan niet tegelijkertijd wel en niet bestaan in dezelfde mogelijke wereld w.
Als x bestaat in een mogelijke wereld w kan x niet niet bestaan in w.
Hieruit volgt dat als x bestaat in w dat x dan noodzakelijk bestaat in w. en overeenkomstig S5 modal logic in alle mogelijke werelden. Dus: als x bestaat in mogelijke wereld w bestaat x noodzakelijk.
Zo ook:
In iedere mogelijke wereld waarin x niet bestaat kan x onmogelijk tegelijkertijd wel bestaan.
In een mogelijke wereld w waarin x niet bestaat is het onmogelijk dat x wel bestaat en dus noodzakelijk dat x niet bestaat.
Welnu, als x noodzakelijk niet bestaat in een mogelijke wereld w dan is het overeenkomstg S5 in iedere wereld onmogelijk dat x bestaat.
Dit komt hierop neer: als er een mogelijke wereld is waarin x niet bestaat dan bestaat x onmogelijk.

Zo kan men met S5 modal logic betogen dat een contingent bestaand wezen tegelijkertijd noodzakelijk en onmogelijk bestaat, hetgeen natuurlijk absurd is.



Emanuel Rutten zei

Beste Jessica,

Ook deze poging faalt. Als x bestaat in w, dan kan x uiteraard niet anders dan bestaan in w. Met noodzakelijk bestaan in w wordt in de modale logica echter iets anders bedoeld, namelijk bestaan in w en in alle vanuit w bereikbare mogelijke werelden (in het geval van S5 zijn dat alle andere mogelijke werelden). Het is dus niet zo dat als x bestaat in w dat x dan noodzakelijk bestaat in w. Omgekeerd is het natuurlijk wel zo dat als x noodzakelijk bestaat in w dat x dan bestaat in w (en dus niet anders kan dan bestaan in w). Echt, ga nu eens die cursus logica doen!

Groet,
Emanuel

Anoniem zei

Beste Emanuel,

Mogen wij het zo begrijpen?
Voor een contingent bestaande entiteit x in mogelijke wereld w geldt: er is niets dat het ontstaan van x in w onmogelijk heeft gemaakt en er is ook niets dat het bestaan van x in w onmogelijk maakt. En omdat x voor de duur van zijn bestaan niet anders kan dan bestaan in w bestaat x noodzakelijk in w, althans zolang x in w bestaat.

Van de vele mogelijke werelden waarin het ontstaan van x onmogelijk zou zijn geweest is er in het verleden geen enkele gerealiseerd; ze zijn allemaal virtueel gebleven.

Er zijn oneindig veel virtuele werelden waarin x in de toekomst niet (meer) zal bestaan, maar tot het moment dat één van die virtuele werelden gerealiseerd wordt zal x noodzakelijk bestaan in w.
Maar het noodzakelijk bestaan van x in w hoeft nog niet te betekenen dat x altijd in *alle* mogelijke werelden zal bestaan.
Er zijn immers oneindig veel mogelijke werelden denkbaar waarin x in de toekomst niet (meer) zal bestaan. Het noodzakelijk bestaan van x duurt slechts tot het moment dat één van die vele virtuele werelden werkelijkheid wordt..

Voor een niet-contingente entiteit (bv god) ligt het natuurlijk anders.
Als god bestaat moeten wij zeggen: er zijn in het verleden geen denkbare virtuele werelden gerealiseerd waarin god niet bestaat. En van de vele denkbare virtuele werelden waarin god niet bestaat kan er in de toekomst geen enkele gerealiseerd worden.
Kortom: als god mogelijk bestaat dan bestaat god noodzakelijk in alle mogelijke werelden; er zijn dan geen mogelijke werelden waarin hij niet bestaat.

Vr groet,
Jessica










Arno zei

Hi Emanuel,

In my last response I asked you a couple of questions that you thus far has not replied to. I do not know if you lacked time for this, or if the thought the questions off-topic, or other reasons.

I will now try to rephrase the essence of my objection in the hope to be more clear.

You claim that Gods possible existence entails Gods necessary existence.

I will now introduce a new being: a Lekodath. Lekodath is a word that did not yet exist. So because I created this word I am entitled, I think, to declare what defines a Lekodath.

a Lekodath :
- a non-conscious being
- the first cause of reality

Being the first cause, Lekodath is uncaused. Suppose that Lekodath possibly exists. In that case there is a possible world w in which Lekodath exists. According to Leibniz's weak principle of sufficient reason (wPSR) there must be a sufficient reason for every thing that exists. So, following this principle, there must be a reason in w for Lekodath existence. Lekodath exists in w either by virtue of its own nature, or due to an external cause. Since Lekodath is uncaused in w it follows that Lekodath exists by virtue of its own nature in w. That is to say, Lekodath exists necessarily in w. But then, assuming S5 modal logic, it follows that Lekodath exists in all possible worlds. So Lekodath exists necessarily. Therefore, given wPSR and S5, Lekodaths possible existence entails Lekodaths necessary existence.

Now suppose both God and Lekodath exist possibly. Then using this logic the existence of both God and Lekodath is necessary.

But I fail to see how both God and Lekodath could be the first cause of reality at the same time in the same world.

Unless God and Lekodath are the same.

But God is concious ( according to your definition ), and Lekodath is non-concious ( according to my definition ).

So they cannot be the same.

If God would become non-conscious, according to you, it would not be the same. In fact it would fit my definition of a Lekodath.

Likewise, if a Lekodath would become conscious, it would not be the same. In fact it would fit your definition of God.

What should we conclude? That a Lekodath cannot possibly exist? That a God cannot possibly exist? That there is something wrong with this logic?

Emanuel Rutten zei

Hi Arno,

If my argument is valid, it follows that it is not the case that both God and Lekodath are metaphysically possible. Thus, if one of them is metaphysically possible, the other one isn't - and vice versa.

Regards,
Emanuel

Arno zei

Hi Emanuel,

Okay, so you say that using this logic it would mean that if a Lekodath would be methaphysically possible it would mean that a God would methaphysically not be possible and vice versa.

Now consider two new beings:
a Pezodath :
- a non-conscious being

- the first cause of reality
- red skin color

a Hotodath :
- a non-conscious being

- the first cause of reality
- green skin color

I would say that following the same logic a methaphisical possibility of a Pezodath would exclude the methaphisical possibility of a Hotodath.

If you would argue that the skin color is arbitrary I would still say that this is in the eye of the beholder. A biologist very usually classifies creatures based on things like color. If a biologist would discover a butterfly that looks like a Pieris Napi butterfly, but with red wings it would not call it a Pieris Napi. It would give it a new name and with much enthousiasm report that it has found a new species of butterfly.

But I do find it counter intuitive that if a Pezodath would be metaphysically possible a Hotodath would therefore be impossible.

Note that both Pezodath and Hotodath are a Lekodath. Like all species of butterflies are of the order Lepidoptera.

It could well be that it is a Lekodath that necessarily exists, and a Lekodath could be either a Pezodath or a Hotodath.

The same principle could be used for a Lekodath and a God. They belong to a common family. Lets call this FirstCausers.

a FirstCauser
- a being
- the first cause of reality

It could well be that it is a FirstCauser that necessarily exists. And the FirstCauser could be either a Lekodath, or a God.

If this would be the case, and since our definition of "being" here is "something that exists", then your argument could in my view be summarised as "If an uncaused first cause of reality is possible it follows that an uncaused first cause is necessary"

It would be misleading to call an uncaused first cause God.

Best regards,
Arno

Emanuel Rutten zei

Hi Arno,

You say that my argument can be summarised as "If an uncaused first cause of reality is possible, then an uncaused first cause is necessary". Now, I do hold that this argument is valid. However, it is not a summary of my argument. For my argument is "If God is possible, then God is necessary", which clearly cannot be summarized in the way you propose. The equivalent argument "If Lekodath is possible, then Lekodath is necessary" cannot be summarized in the way you propose either. And precisely because these two arguments are valid, God and Lekodath are not both possible.

Further, the possibility of a Pezodath does not exclude the possibility of a Hotodath. Suppose that there is a possible world in which a Pezodath exists. Does it follow that this very being (de re) exists in all possible worlds? Yes, that surely follows. For it exists by virtue of its own nature. But it can have another skin color in another possible world, including the color green. The reason for this is that skin color is accidental and not essential. So there is in fact a possible world in which this very being (de re) has skin color green. Therefore, there is a possible world in which a Hotodath exists. Hence, if there is a possible world in which a Pezodath exists, then there is a possible world in which a Hotodath exists as well.

Regards,
Emanuel

Hassan Abdillah zei

Hello Professor Rutten, hopefully you've been doing well!

I was thinking maybe the Necessary First Cause of all caused simples that you argue for in your dissertation can be shown to be personal, given the two following assumptions:

1. Laws cannot be necessary, and
2. If an action doesn't follow any lawlike generalization, then it is a personal action.

I don't know how these two assumptions can be defended, although Gale and Pruss make use of them in their 1999 paper to argue for a personal necessary being.

Following Aquinas' fifth way, Dr. Vincent Torley makes an argument for the existence of God based the existence of Laws here: http://www.angelfire.com/linux/vjtorley/feser6.html and he uses the contingency/explainability of laws as a premise.

As for the second assumption, Gale and Pruss in their article use the "personal, scientific or random" trilemma to understand how an explanation might possibly be. Can't that be applied to your argument as well?

Thanks again for your patience!
Hassan

Emanuel Rutten zei

Dear Hassan,

Thanks for your note! I am aware of their paper and the trilemma they propose. And it can indeed be added to many first cause arguments (such as those of mine) to infer that the first cause is personal.

Regards,
Emanuel