donderdag 30 juni 2011

A Scotistic Cosmological Argument

The following modal cosmological argument goes back to John Duns Scotus.

(Premise) Possibly, there is an object that cannot have a cause,
(Premise) Every contingent object, possibly, has a cause,
(Conclusion) There is a necessary object.

The logical derivation is quite straightforward. According to the first premise there is a possible world that contains an object, let us say A, that is uncaused in every possible world in which it obtains. Now, due to the second premise, object A cannot be a contingent object. Therefore, object A is a necessary object.

Both premises seem to be plausible. Yet, together they entail an very interesting metaphysical conclusion, that is, the conclusion that there is something in the actual world that exists necessarily.

7 opmerkingen:

MNb zei

1) De quantummechanica stelt dat niet causaliteit, maar waarschijnlijkheid het fundament van het heelal is. De quantummechanica voorspelde correct de atoombom. Er is geen causale theorie die de atoombom beschrijft. De tweede vooronderstelling is dus onjuist.

2) Duns Scotus maakt niet duidelijk waarom contingente objecten wel een oorzaak moeten hebben en andere niet.

G.J.E. Rutten zei

Beste MNb,

Waarschijnlijkheid ('randomness') is een kenmerk van het mathematisch formalisme van de quantummechanica als theorie. Hieruit volgt echter niet dat randomness ook een kenmerk is van de werkelijkheid. Er bestaan bijvoorbeeld ook adequate deterministische interpretaties van de quantummechanica.

De tweede premisse van het argument stelt niet dat contingente objecten een oorzaak moeten hebben. De premisse luidt dat ieder contingent object *mogelijk* een oorzaak heeft. Er is, anders gezegd, voor ieder contingent object O een mogelijke wereld W waarin O een oorzaak heeft.

Groet,
G.J.E. Rutten

MNb zei

Er bestaan geen adequate causale deterministische interpretaties van de quantummechanica. Het centrale punt hiervan is namelijk Heisenberg's Onzekerheidsprincipe. Voor u een taalkundige discussie over het begrip onzekerheid anex onvoorspelbaarheid annex waarschijnlijkheid begint: deze kan niets veranderen aan de betekenis ervan. We kunnen haar net zo goed Pietje Puk's Flutjebluf Ongelijkheid noemen. Om een dergelijke discussie te vermijden zal ik dat hier doen, afgekort PPFO. Dat vindt Heisenberg vast minder erg dan een verkeerde taalkundige interpretatie van zijn principe.
PPFO is in wiskundetaal geformuleerd. De begrippen die erin voorkomen, plaats en snelheid (moment en energie mogen ook) zijn volstrekt eenduidig van betekenis. De Constante van Planck is dat ook, evenals de wiskundige bewerking vermenigvuldigen en het groter/gelijk teken. De betekenis van PPFO staat daarom vast.
Die is dat we nooit gelijktijdig met volkomen nauwkeurigheid plaats en snelheid van een deeltje kunnen bepalen. Dat is geen wiskundige tekortkoming (zoals Newton's probleem van drie puntmassa's), geen technische onvolkomenheid en zelfs geen natuurkundig probleem. Het is een fundamentele eigenschap van het universum.
PPFO is door alle experimenten bevestigd en heeft bovendien de nodige toepassingen opgeleverd. Nu zijn deze nogal technisch, dus ik neem de vrijheid een gedachtenexperiment te beschrijven.
Neem een blok radioactief materiaal, bv uranium (te klein voor een bom). We weten dat binnen een bepaalde tijd de helft zal vervallen. We kunnen echter op geen enkele manier voorspellen welke helft.
Anders gezegd: van een enkel uraniumatoom weten we met welke kans het zal vervallen binnen een uur, een dag, een week, enzovoort. Die kans wordt steeds groter. Dat is precies wat PPFO beschrijft en causaliteit tot op heden niet kán beschrijven.
Haal PPFO eruit - dat is de enige manier om causaliteit terug te brengen - en de quantummechanica is de quantummechanica niet meer. Een causaal alternatief is er niet. Dat kan komen, natuurlijk, Nobelprijswinnaar Gerard 't Hooft (van wiens broer ik les heb gehad) heeft zoiets wel eens vagelijk geuit. Maar u lijkt mij veel te intelligent om u op een argumentum ad futurum te beroepen.
Voorlopig hebben zij - en dat zijn voor zover ik weet allemaal atheïsten - die het waarschijnlijkheidsprincipe aanvaarden een voorsprong op punten op hen die van causaliteit uitgaan, inclusief atheïstische deterministen a la Laplace. Elders wees ik er al op dat een naturalistische interpretatie van de vrije wil eveneens binnen bereik komt.
Tenslotte wil ik opmerken dat de quantummechanica zelfs een nadere omschrijving heeft van causaliteit. Daarvoor roepen we het correspondentieprincipe van Bohr te hulp. Causaliteit is niets anders dan een rekenkundige aanname. Wat de mens als een causale relatie ervaart is slechts een statistische relatie die de 1 zeer dicht benadert.
Alweer kan een gedachtenexperiment dit illustreren. Als u tegen een muur aanloopt stoot u uw hoofd. Klassieke natuurkunde voorspelt dat dat altijd het geval is. Quantummechanica voorspelt dat er een minieme kans is dat u door de muur heen loopt (zie potentiaalput). Zelfs als u dit gedurende uw gehele leven twee keer per seconde blijft proberen is de kans nog belachelijk klein. Daarom ronden we af op 0 en voila: causaliteit - een niet volledig nauwkeurige menselijke aanname, handig in de dagelijkse praktijk.

G.J.E. Rutten zei

Beste MNb,

Zie voor wat betreft deterministische interpretaties van de kwamtummechanica ondermeer

[1] Bohm, D. (1952), “A Suggested Interpretation of the Quantum Theory in Terms of „Hidden‟ Variables, I and II”, Physical Review 85 (1): pp. 166-193

[2] Zeh, H.D. (1970), “On the interpretation of measurement in quantum theory”, Foundations of Physics, 1 (1): pp. 69-76

[3] Dieks, D. (2010), “Quantum Mechanics, Chance and Modality”, Philosophica, 83 (1): pp. 117-137

Zo schrijft Dieks bijvoorbeeld: "[E]ven if it is accepted that quantum mechanics is a fundamentally probabilistic theory, this provides us with no special reason to believe in “chances” in the sense of objectively existing factors that are responsible for the relative frequencies we encounter in experiments‟ (Dieks 2010, p. 117).

Groet,
G.J.E. Rutten

MNb zei

Bohm ken ik. Met de Bohmse theorie zijn twee, misschien drie dingen mis.

1a) Om het gedrag van deeltjes een causaal karakter te geven moet hij extra begrippen invoeren. Deze zijn niet experimenteel te toetsen. Daarmee dreigt de theorie Popper's falsificatieprincipe te overtreden en onwetenschappelijk te worden. Zijlijn: dat geldt ook voor Hawking's multiversa. Uw tegenargument zou kunnen zijn dat een begrip als kracht evenmin meetbaar is. Als we op een ouderwetse weegschaal gaan staan meten we geen kracht, maar de indrukking van een elastische metalen veer. Niettemin is dat gebrek aan falsifieerbaarheid een probleem.
1b) Erger is dat uw collega William van Ockham de theorie van Bohm zou afkeuren, juist omdat deze zonder noodzaak het aantal begrippen vermeerdert. Volgens hem moeten we daarom aan het toevalsprincipe de voorkeur geven.
2) Inderdaad schijnt - ik heb het niet persoonlijk gecontroleerd - de theorie van Bohm alle verschijnselen te verklaren die de vooroorlogse quantummechanica eveneens beschrijft. Deze laatste is de afgelopen decennia sterk uitgebreid tot bv. quantum thermodynamica en de BCS-theorie voor supergeleiding. Wie dat probeert met de theorie van Bohm moet causaliteit loslaten.

Dieks zegt in feite dat de Wetten van Newton een factor zijn als we op een weegschaal gaan staan. Daarmee draait hij de zaak om.

MNb zei

Hierbij verzoek ik u om niet naar boeken te verwijzen. Daar slaat u mij monddood mee. Woonachtig in Moengo, Suriname is de dichtstbijzijnde boekhandel 100 km verderop. Bovendien laat mijn salaris in SRD niet toe dat ik tegen dure valuta allerhande dikke boeken ga aanschaffen die door mijn talloze debatopponenten worden aanbevolen.

De Kochen-Dieks-Healey Interpretatie heb ik op de website van Stanford teruggevonden en zal ik tzt doornemen. Een oppervlakkige blik leert me dat er enige problemen zijn, maar voor ik die helder kan formuleren zijn we enige tijd verder.
Zeh blijkt een homepage te hebben. Ook die moet even wachten.
Wel ben ik blij uw weblog gevonden te hebben. Ik ben een jaar op zoek geweest naar een gelovige die weet waar hij/zij over schrijft als het over natuurwetenschappen gaat - een tegenstander van formaat, zeg maar. Gaat u er maar van uit dat ik een blijvertje ben.

Tropische groetjes terug,

MNb
{deze afkorting is voor het gemak en niet voor de anonimiteit; volledige naam Mark Nieuweboer)

PS: hebt u die pagina over quantumbewustzijn al bestudeerd?

G.J.E. Rutten zei

Beste Mark,

Die pagina over quantumbewustzijn heb ik helaas nog niet kunnen bestuderen. Door mijn promotieonderzoek aan de Vrije Universiteit (waarvan het projectplan op mijn site www.gjerutten.nl staat) hou ik steeds minder tijd over voor andere lees en schrijfactiviteiten. En dan ben ik dit weekend tot overmaat van ramp ook nog begonnen in de Nederlandse vertaling van de nieuwste roman van Michel Houellebecq: De kaart en het gebied. Een roman die ik eenvoudigweg niet ongelezen kan laten!

Groet,
G.J.E. Rutten