Posts tonen met het label Waarheidsmakers. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Waarheidsmakers. Alle posts tonen

woensdag 3 mei 2023

Waarheidsmakers van historische waarheden - column voor filosofisch tijdschrift Sophie (2023-3)

De bewering 'Mijn auto is blauw' wordt waargemaakt door mijn blauwe auto. Mijn blauwe auto is de waarheidsmaker ervan. De bewering is bovendien contingent waar. Want mijn auto had een andere kleur gehad kunnen hebben. De waarheidsmaker van de contingent ware bewering 'Jij bent nu mijn column aan het lezen' is het feit dat jij nu mijn column aan het lezen bent. Het lijkt niet onredelijk om te beweren dat iedere contingent ware bewering een waarheidsmaker moet hebben. Neem nu historische beweringen, zoals de bewering dat Nederland in 1974 de WK finale voetbal verloor. De bewering is contingent waar. Want Nederland verloor, maar had kunnen winnen. Wat is nu de waarheidsmaker van deze bewering? Het moet iets zijn dat op dit moment bestaat. Het verleden kan daarom niet de waarheidsmaker zijn. Het verleden bestaat immers niet meer. Wat er toen was, is er nu niet meer. Zijn er andere antwoorden mogelijk? De fysica leert dat de natuur op de allerkleinste schaal uit kwantumdeeltjes bestaat waaruit alles is opgebouwd. Een determinist zou daarom kunnen beweren dat de huidige configuratie van alle kwantumdeeltjes in het universum de waarheidsmaker is van deze en alle andere ware historische beweringen. Kunnen de natuurwetten immers niet worden gebruikt om vanuit de huidige configuratie terug te rekenen naar iedere gebeurtenis uit het verleden? Dit is echter ook geen houdbaar antwoord. Terugrekenen is namelijk onmogelijk omdat Heisenberg heeft aangetoond dat de positie en snelheid van een kwantumdeeltje niet op hetzelfde moment ontsloten kan worden. Omdat het verleden niet als waarheidsmaker van historische waarheden kan optreden en kwantummechanisch terugrekenen evenmin mogelijk is, blijft er nog één mogelijkheid over. Als God bestaat, dan is het niet onredelijk om te denken dat God als de absolute grond van de werkelijkheid een perfect wezen is. God is dan een wezen dat de geschiedenis van de kosmos in al zijn betekenisvolle details kent en bovendien niet vergeet. Maar dan is Gods geest in metafysische zin te begrijpen als de waarheidsmaker van ware historische beweringen. Wie vandaag zegt dat Nederland in 1974 de WK finale voetbal verloor, spreekt de waarheid. De objectieve grond voor de waarheid van deze bewering is dan dat de bewering in overeenstemming is met de herinnering van God. Gods kennis is zo de waarheidsmaker van historische waarheden. Precies omdat historische waarheden als contingente waarheden een waarheidsmaker moeten hebben en Gods geheugen als enige mogelijkheid overblijft, volgt redelijkerwijs dat God bestaat.

Soφie is een filosofisch tijdschrift dat zesmaal per jaar verschijnt. Zij biedt een intellectuele uitdaging door kritisch na te denken over actuele onderwerpen, geïnspireerd door de christelijke traditie.

donderdag 8 december 2011

Waarheidsmakers van historische waarheden

De uitspraak 'Mijn auto is blauw' wordt waargemaakt door mijn blauwe auto. Mijn blauwe auto kan daarom de waarheidsmaker van genoemde uitspraak worden genoemd. Welnu, het lijkt niet onredelijk om te beweren dat meer in het algemeen uiteindelijk iedere ware uitspraak een waarheidsmaker moet hebben [1]. Zo'n waarheidsmaker moet dan natuurlijk wel bestaan. Iets dat niet bestaat kan immers niets, en dus ook niet iets waarmaken.

Neem nu historische uitspraken, zoals de uitspraak dat Nederland in 1974 de WK finale verloor. Deze uitspraak is ontegenzeggelijk waar. Daarvoor is immers meer dan voldoende bewijsmateriaal. Het zou volstrekt onzinnig zijn om, gegeven al dit bewijsmateriaal, te betwijfelen of Nederland in 1974 het WK verloor [2]. Maar, wat is dan haar waarheidsmaker? Welke bestaande stand van zaken maakt deze uitspraak op dit moment waar? Iemand die meent dat het verleden niet minder reëel is dan het heden, dat wil zeggen, niet minder bestaat dan het heden, zou kunnen beweren dat het verleden genoemde uitspraak nu rechtstreeks waarmaakt. Het ook nu nog werkelijk bestaande verleden is in dat geval op dit moment de waarheidsmaker van deze en van alle andere ware historische uitspraken. Kortom, wie zegt dat het verleden zelf ware historische uitspraken waarmaakt veronderstelt dat het verleden ook nu nog bestaat. Iets dat niet bestaat kan immers zoals gezegd helemaal niets waarmaken. Het lijkt echter nogal implausibel om te beweren dat het verleden ook nu nog bestaat. Immers, het verleden was ooit, maar is niet meer. Het 'nu' bestaat, maar het 'toen' bestaat niet meer. Het antwoord dat het verleden optreedt als waarheidsmaker is daarom niet echt overtuigend.

Zijn er andere antwoorden mogelijk? Welnu, een determinist zou kunnen beweren dat de huidige configuratie van alle elementaire deeltjes in het universum de waarheidsmaker betreft van alle ware historische uitspraken. We kunnen immers in beginsel vanuit de huidige configuratie terugrekenen naar iedere willekeurige gebeurtenis uit het verleden, aldus de determinist. Dit lijkt mij echter evenmin een houdbaar antwoord. Zo meen ik dat er vrije wilsacten bestaan. Het bestaan van dergelijke acten is echter in tegenspraak met het determinisme. Terugrekenen is gegeven het bestaan van vrije wilsacten onmogelijk, zelfs in principe.

Maar wat is dan datgene op grond waarvan alle ware historische uitspraken op dit moment waar zijn? Er moet toch iets zijn dat deze waarheid nu objectief waarborgt? Er moet iets zijn dat er nu in objectieve zin voor zorgt dat mijn uitspraak dat Nederland in 1974 het WK verloor inderdaad waar en niet onwaar is. Theïsten kunnen wellicht wijzen op God. God herinnert zich het verleden perfect, en kan bovendien niet anders dan zich het verleden perfect herinneren. Precies daarom zijn Gods herinneringen, aldus de theïst, op z'n minst in indirecte zin te begrijpen als de waarheidsmakers van historische uitspraken. Iemand die vandaag zegt dat Nederland in 1974 de WK finale verloren heeft spreekt de waarheid. En de enige objectieve grond voor het vandaag waar zijn van zijn of haar uitspraak is dat zijn of haar uitspraak in overeenstemming is met de herinneringen van God.

[1] Waarheidsmakers kunnen in plaats van standen van zaken ook gebeurtenissen zijn. Zo is de waarheidsmaker van de ware uitspraak 'Jij bent aan het lezen' de gebeurtenis dat jij aan het lezen bent.
[2] Het gaat hier dan ook niet om de epistemische vraag naar het rechtvaardigen van beweringen op grond van bewijsmateriaal. Het gaat daarentegen om een volstrekt andere vraag, namelijk de ontologische vraag naar dat wat er in objectieve zin voor zorgt dat een bewering überhaupt waar is, ofwel de vraag naar dat wat een bewering in de eerste plaats waarmaakt, geheel los van de vraag of wij al dan niet over afdoende bewijsmateriaal voor deze bewering beschikken.